Deel deze pagina:
Maar het waren vooral de berichten over zijn leven buiten de klas die ons deden opkijken. De invulling van zijn vrije tijd bijvoorbeeld. Of beter gezegd, een andere invulling daarvan. Jongeren die tijdens de schoolpauzes naar een café gaan. Of deze zestienjarige jongen die op een doordeweekse avond rond half 10 zonder gedoe nog richting de kroeg vertrekt. Gewoon, omdat het kan. Dingen waar wij als ouders toch iets kritischer naar kijken! En toen was het onze beurt. Je wilt een goede indruk maken en iemand gastvrij ontvangen. Dus vol enthousiasme, goede bedoelingen, en een koelkast die we voor de zekerheid maar extra hadden gevuld, werd onze uitwisselingsstudent vervolgens voor een week bij ons thuis verwelkomt. De eerste indruk van onze gast was er één van lichte verbazing. Op weg naar “Oppe Ruiver” keek hij zijn ogen uit. Geen ‘gestapelde huizen’, maar ruimte om van je af te kunnen kijken. Straten die, tot zijn verrassing, schoon waren. En een eigen tuin, dat is op de plek waar hij vandaan komt een hele grote uitzondering. Tijdens de gesprekken aan tafel kwamen ook serieuzere onderwerpen voorbij. Verhalen over drugs, wapens en geweld in zijn omgeving. Niet als spannende verhalen, maar als dingen die voor hem onderdeel waren van de realiteit. Dat een jongen van zestien daar zo open en uitgebreid over kon vertellen, maakte indruk. En eerlijk is eerlijk: we waren ook een beetje opgelucht dat we dit niet allemaal wisten vóórdat onze zoon die kant op ging.
Dit alles zette ons aan het denken. Want wat is beter. Onze manier, met nadruk op vrijheid, regels en veiligheid? Of hun manier, met meer zelfstandigheid op jonge leeftijd en een andere kijk op verantwoordelijkheid? Waarschijnlijk geen van beide of misschien wel van allebei een beetje. Verschillen laten zich namelijk niet zo makkelijk in hokjes stoppen van goed of fout. Ze laten vooral zien dat er meerdere manieren zijn om een samenleving vorm te geven. Wat voor ons vanzelfsprekend is, kan voor iemand anders vreemd zijn en andersom natuurlijk.
De grootste winst van deze uitwisseling zat niet in wat we hebben geleerd over Bulgarije, maar in wat we ontdekten over onszelf. Aan de keukentafel ontstonden gesprekken over grenzen, vrijheid en vertrouwen. Over waarom we dingen doen zoals we ze doen. Zet iemand bij ons aan tafel die alles nét even anders doet en ineens blijken wij ook behoorlijk gehecht aan onze eigen ‘zo doen wij dat hier’ En dat is misschien wel de grootste winst. Niet dat je verandert wie je bent, maar dat je een beetje beter begrijpt waarom een ander is zoals hij is.
Het samenleven onder één dak bracht ook de nodige praktische verschillen aan het licht. Ontbijten dat deed hij nooit. Daar stonden wij dan, met boterhammen, alle soorten beleg en ‘pak maar wat je lekker vindt’. Hij keek ernaar alsof het een museumopstelling was. Een lunchtrommel klaarmaken voor de pauzes was ook niet nodig. En dan het avondeten. Om 18:00u aan tafel voor het eten was veel te vroeg. Onze gast keek op de klok. Eten… nu al? Sta je dan met je goedbedoelde ‘Hollandse stamppot met worst’.
Ook op het gebied van gezelligheid bleek er een klein verschil te zijn. Waar wij ons verheugen op een avondje samen, een spelletje, wat kletsen, misschien een beetje lachen om flauwe grappen, leek hij zich af en toe af te vragen wanneer het “echte leven” hier begon. De ‘Ruiverse gezelligheid’ was duidelijk veel te saai voor hem. Jammer dat wij hem datgene waar wij toch wel trots op zijn niet hebben kunnen laten beleven, omdat hij hier geen interesse in had.
De schoolgebouwen zagen er bijvoorbeeld anders uit dan hier. Waar wij gewend zijn aan moderne lokalen, frisse kleuren en digitale schoolborden, zagen we daar gebouwen die eerder deden denken aan die uit onze eigen geschiedenisboeken. Sobere lokalen, wel functioneel zullen we maar zeggen. Ook het schoolsysteem bleek anders. Geen lange dagen voor iedereen tegelijk, maar werken met ochtend- en middaggroepen. En op de foto’s zagen we iets wat ons ook niet helemaal onbekend voorkwam van een aantal jaren geleden, maar daar toch nét iets nadrukkelijker aanwezig leek, leerlingen die met name verdiept waren in hun telefoon.
De eerste stap was loslaten. Op het vliegveld zwaaien, nog een laatste “app je even als je er bent?” en daar ging hij. Voor een week loslaten en benieuwd naar de ervaringen waarmee hij terugkomt. Gelukkig leven we in een tijd waarin je als ouder via social media bijna live kunt meekijken. Foto’s, filmpjes, korte berichten, we kregen een inkijkje in het Bulgaarse leven van deze jongen. En dat begon al meteen interessant te worden.
“Soms hoef je helemaal niet ver te gaan om andere gewoontes te ontdekken. Soms schuift het gewoon bij je aan de keukentafel. Zo’n gebeurtenis trekt je dan ook even uit je eigen bubbel”
Voor ons was dat de uitwisseling van onze zoon met een student uit Bulgarije. Wat begon als een leuk schoolproject, bleek uiteindelijk vooral een spiegel. Eentje die ons liet kijken naar onze eigen gewoontes, vanzelfsprekendheden en misschien ook wel onze blinde vlekken. We dachten dat het leven in Bulgarije lijkt op dat van ons, maar door de ervaring van deze uitwisseling, merkte we al snel dat ‘vergelijkbaar’ iets heel anders is dan ‘hetzelfde’.
Dit alles zette ons aan het denken. Want wat is beter. Onze manier, met nadruk op vrijheid, regels en veiligheid? Of hun manier, met meer zelfstandigheid op jonge leeftijd en een andere kijk op verantwoordelijkheid? Waarschijnlijk geen van beide of misschien wel van allebei een beetje. Verschillen laten zich namelijk niet zo makkelijk in hokjes stoppen van goed of fout. Ze laten vooral zien dat er meerdere manieren zijn om een samenleving vorm te geven. Wat voor ons vanzelfsprekend is, kan voor iemand anders vreemd zijn en andersom natuurlijk.
De grootste winst van deze uitwisseling zat niet in wat we hebben geleerd over Bulgarije, maar in wat we ontdekten over onszelf. Aan de keukentafel ontstonden gesprekken over grenzen, vrijheid en vertrouwen. Over waarom we dingen doen zoals we ze doen. Zet iemand bij ons aan tafel die alles nét even anders doet en ineens blijken wij ook behoorlijk gehecht aan onze eigen ‘zo doen wij dat hier’ En dat is misschien wel de grootste winst. Niet dat je verandert wie je bent, maar dat je een beetje beter begrijpt waarom een ander is zoals hij is.
Maar het waren vooral de berichten over zijn leven buiten de klas die ons deden opkijken. De invulling van zijn vrije tijd bijvoorbeeld. Of beter gezegd, een andere invulling daarvan. Jongeren die tijdens de schoolpauzes naar een café gaan. Of deze zestienjarige jongen die op een doordeweekse avond rond half 10 zonder gedoe nog richting de kroeg vertrekt. Gewoon, omdat het kan. Dingen waar wij als ouders toch iets kritischer naar kijken! En toen was het onze beurt. Je wilt een goede indruk maken en iemand gastvrij ontvangen. Dus vol enthousiasme, goede bedoelingen, en een koelkast die we voor de zekerheid maar extra hadden gevuld, werd onze uitwisselingsstudent vervolgens voor een week bij ons thuis verwelkomt. De eerste indruk van onze gast was er één van lichte verbazing. Op weg naar “Oppe Ruiver” keek hij zijn ogen uit. Geen ‘gestapelde huizen’, maar ruimte om van je af te kunnen kijken. Straten die, tot zijn verrassing, schoon waren. En een eigen tuin, dat is op de plek waar hij vandaan komt een hele grote uitzondering. Tijdens de gesprekken aan tafel kwamen ook serieuzere onderwerpen voorbij. Verhalen over drugs, wapens en geweld in zijn omgeving. Niet als spannende verhalen, maar als dingen die voor hem onderdeel waren van de realiteit. Dat een jongen van zestien daar zo open en uitgebreid over kon vertellen, maakte indruk. En eerlijk is eerlijk: we waren ook een beetje opgelucht dat we dit niet allemaal wisten vóórdat onze zoon die kant op ging.
Het samenleven onder één dak bracht ook de nodige praktische verschillen aan het licht. Ontbijten dat deed hij nooit. Daar stonden wij dan, met boterhammen, alle soorten beleg en ‘pak maar wat je lekker vindt’. Hij keek ernaar alsof het een museumopstelling was. Een lunchtrommel klaarmaken voor de pauzes was ook niet nodig. En dan het avondeten. Om 18:00u aan tafel voor het eten was veel te vroeg. Onze gast keek op de klok. Eten… nu al? Sta je dan met je goedbedoelde ‘Hollandse stamppot met worst’.
Ook op het gebied van gezelligheid bleek er een klein verschil te zijn. Waar wij ons verheugen op een avondje samen, een spelletje, wat kletsen, misschien een beetje lachen om flauwe grappen, leek hij zich af en toe af te vragen wanneer het “echte leven” hier begon. De ‘Ruiverse gezelligheid’ was duidelijk veel te saai voor hem. Jammer dat wij hem datgene waar wij toch wel trots op zijn niet hebben kunnen laten beleven, omdat hij hier geen interesse in had.
De schoolgebouwen zagen er bijvoorbeeld anders uit dan hier. Waar wij gewend zijn aan moderne lokalen, frisse kleuren en digitale schoolborden, zagen we daar gebouwen die eerder deden denken aan die uit onze eigen geschiedenisboeken. Sobere lokalen, wel functioneel zullen we maar zeggen. Ook het schoolsysteem bleek anders. Geen lange dagen voor iedereen tegelijk, maar werken met ochtend- en middaggroepen. En op de foto’s zagen we iets wat ons ook niet helemaal onbekend voorkwam van een aantal jaren geleden, maar daar toch nét iets nadrukkelijker aanwezig leek, leerlingen die met name verdiept waren in hun telefoon.
De eerste stap was loslaten. Op het vliegveld zwaaien, nog een laatste “app je even als je er bent?” en daar ging hij. Voor een week loslaten en benieuwd naar de ervaringen waarmee hij terugkomt. Gelukkig leven we in een tijd waarin je als ouder via social media bijna live kunt meekijken. Foto’s, filmpjes, korte berichten, we kregen een inkijkje in het Bulgaarse leven van deze jongen. En dat begon al meteen interessant te worden.
Deel deze pagina:
“Soms hoef je helemaal niet ver te gaan om andere gewoontes te ontdekken. Soms schuift het gewoon bij je aan de keukentafel. Zo’n gebeurtenis trekt je dan ook even uit je eigen bubbel”
Voor ons was dat de uitwisseling van onze zoon met een student uit Bulgarije. Wat begon als een leuk schoolproject, bleek uiteindelijk vooral een spiegel. Eentje die ons liet kijken naar onze eigen gewoontes, vanzelfsprekendheden en misschien ook wel onze blinde vlekken. We dachten dat het leven in Bulgarije lijkt op dat van ons, maar door de ervaring van deze uitwisseling, merkte we al snel dat ‘vergelijkbaar’ iets heel anders is dan ‘hetzelfde’.