Deze publicatie maakt gebruik van cookies

We gebruiken functionele en analytische cookies om onze website te verbeteren. Daarnaast plaatsen derde partijen tracking cookies om gepersonaliseerde advertenties op social media weer te geven. Door op accepteren te klikken gaat u akkoord met het plaatsen van deze cookies.

Deel deze pagina:

"Als je anno 2026 geen AI gebruikt, ben je verdacht."

Toch vertrouw ik AI al meer dan mezelf. Ik laat mijn teksten corrigeren, mijn agenda plannen en bijna mijn emoties uitleggen. “Waarom ben ik zo moe?“ vroeg ik laatst. Het antwoord bestond uit een lijst van twintig mogelijke oorzaken, waaronder te weinig slaap. Dat had ik zelf ook kunnen bedenken, maar toch voelde het professioneel. Strak wordt AI zo slim dat het mij volledig vervangt. Behalve dan bij het zoeken naar sleutels. Want daar is één ding sterker dan kunstmatige intelligentie: menselijke chaos.

En eerlijk is eerlijk, als AI ooit mijn sleutels vindt, laat ik het pas echt los.

Dat vind ik dus een gemiste kans. AI weet hoever de aarde van de zon staat, maar heeft geen idee wat ik vijf minuten geleden met mezelf deed. “Heb je al onder de bank gekeken?” vraagt AI beleefd. Ja, drie keer. Ook gisteren.

Wat AI vooral goed kan is zelfvertrouwen uitstralen. Het antwoord altijd alsof het er persoonlijk bij was. Ook als het onzin verkoopt. Dat lijkt verdacht veel op die ene collega die bij elke vergadering begint met: “Wat hier belangrijk is…” gevolgd door niets dat belangrijk is.

AI is fantastisch. Vraag je om een rapport van honderd pagina’s? Binnen drie seconden geregeld. Vraag je om een liefdesgedicht voor je partner? Romantischer dan jij ooit bent geweest. Maar vraag je waar jouw autosleutels liggen? Daarvoor moet je toch echt zelf even zoeken.

Ik gebruik tegenwoordig AI. Niet omdat ik er klaar voor ben, maar omdat iedereen dat doet. Als je anno 2026 geen AI gebruikt, ben je verdacht. Dan leef je waarschijnlijk in Drenthe onder een hunebed en maak je je eigen yoghurt.

COLUMN
Door Ger Spee
AI weet alles – behalve waar mijn sleutels zijn

En eerlijk is eerlijk, als AI ooit mijn sleutels vindt, laat ik het pas echt los.

AI weet alles – behalve waar mijn sleutels zijn

Dat vind ik dus een gemiste kans. AI weet hoever de aarde van de zon staat, maar heeft geen idee wat ik vijf minuten geleden met mezelf deed. “Heb je al onder de bank gekeken?” vraagt AI beleefd. Ja, drie keer. Ook gisteren.

Wat AI vooral goed kan is zelfvertrouwen uitstralen. Het antwoord altijd alsof het er persoonlijk bij was. Ook als het onzin verkoopt. Dat lijkt verdacht veel op die ene collega die bij elke vergadering begint met: “Wat hier belangrijk is…” gevolgd door niets dat belangrijk is.

Deel deze pagina:

Toch vertrouw ik AI al meer dan mezelf. Ik laat mijn teksten corrigeren, mijn agenda plannen en bijna mijn emoties uitleggen. “Waarom ben ik zo moe?“ vroeg ik laatst. Het antwoord bestond uit een lijst van twintig mogelijke oorzaken, waaronder te weinig slaap. Dat had ik zelf ook kunnen bedenken, maar toch voelde het professioneel. Strak wordt AI zo slim dat het mij volledig vervangt. Behalve dan bij het zoeken naar sleutels. Want daar is één ding sterker dan kunstmatige intelligentie: menselijke chaos.

"Als je anno 2026 geen AI gebruikt, ben je verdacht."

AI is fantastisch. Vraag je om een rapport van honderd pagina’s? Binnen drie seconden geregeld. Vraag je om een liefdesgedicht voor je partner? Romantischer dan jij ooit bent geweest. Maar vraag je waar jouw autosleutels liggen? Daarvoor moet je toch echt zelf even zoeken.

Ik gebruik tegenwoordig AI. Niet omdat ik er klaar voor ben, maar omdat iedereen dat doet. Als je anno 2026 geen AI gebruikt, ben je verdacht. Dan leef je waarschijnlijk in Drenthe onder een hunebed en maak je je eigen yoghurt.

Door Ger Spee
COLUMN