PUIK UIT DE OUDE DOOS

Uit de oude doos

In deze rubriek lees je leuke weetjes, gedichten en verhalen van schrijvers of gebeurtenissen in gemeente Beesel

Deel 10

Voor en tijdens de tweede wereldoorlog werd, gedurende de periode 3 april 1938 t/m 3 juni 1945, een dagboek bijgehouden door Mathieu Hendrikus Janssen, geboren te 18 mei 1905 en overleden op 18 maart 1980 in Reuver. Hij was bekend als “baas Janssen” of “de baas” van greswarenfabriek Teeuwen.

(Leeftijd op foto 66 jaar)

De hiernavolgende twee relazen zijn onder de grond geschreven, waarschijnlijk liggend of gehurkt en handgeschreven op losse briefjes. De teksten zijn, omdat ze zo bijzonder zijn, letterlijk overgenomen! (Oók de kennelijke fouten)

Vrijdag 15-12-1944, `s middags 5 uur.

Wij hebben juist het laatste eten op, wat ons goed gesmaakt heeft. Toen wij dit eten kregen, kregen we tevens een mededeling van onze vrouwen, dat de Wehrmacht door bemiddeling van Filla (Bewerker: plaatselijk politieagent) 50 onderduikers op te sporen om mee aan de verdedigingswerken te arbeiden en deze hiervoor een vrijstelling zouden krijgen, dat zij niet naar Duitsland zouden worden getransporteerd. Hier gaan wij alle vier niet op in.

Gisterenmiddag is onze kerk beschoten en de toren zou reeds veel geleden hebben. Heden morgen zou er weer op geschoten zijn. Vandaag is het anders tamelijk rustig geweest en wij zijn weer tamelijk goed gemutst. Volgens Lankes (Bewerker: collega fabrieksbaas en gezien zijn leeftijd voor de Duitsers niet interessant) zouden ons de kolen geweldig benen krijgen. Hiervoor zou Lankes naar Filla gaan. Wat dit uitgewerkt heeft, is mij nog niet bekend.

Heden morgen hebben wij ook het bericht gekregen dat de evacuatie, die gisteren ons in de hoogste nood had gebracht, totaal afgewezen.

Als ik nog denk aan dat bericht van gisteren, wordt men er nog akelig van. Stel u voor. Wij hier onder de grond aan ons lot overgelaten en de vrouwen met onze kinderen in december naar Groningen. Zij waren beslist omgekomen, en wij? Het gebed, dat wij direct zijn begonnen is niets anders dan verhoord. Hiervoor de H. Gerardus en O.L. Vrouw dank.



Woensdag 20 december 1944, half twee.

Het middageten heeft weer goed gesmaakt. Blomen heeft ons gisterenavond verlaten en is nog niet bij ons teruggekeerd. Hij zal vermoedelijk wel naar zijn eigen huis gaan. Wij zitten nu 3½ week in het kanaal en hoelang nog? Wij hebben er thans geen kijk op hoelang wij hier nog moeten zitten, misschien nog weken en misschien maanden. Maar onze vrouwen hebben een plan beraamd dat wij in onze kelder kunnen verschuilen door een muur te zetten, waar wij achter kunnen kruipen. Ze zijn thans flink met stenen aan het dragen en Lankes is metselaar.

Op het ogenblik is het geweldig stil, net of de oorlog uit is, maar wij moeten ons bij die moffen uit het oog houden. Want juist waren er weer aan het zoeken naar mannen voor te arbeiden. Bèr, die nog bij ons is, is de hele tijd aan het piekeren over wat hij zal doen als wij eens in de kelder zijn. Enfin, a.s. maandag is het Kerstmis. Hoe zullen wij dit feest moeten vieren dit jaar? Zullen wij nog met onze familie dit nog kunnen vieren? Voor ons lijkt dit onmogelijk. Maar vertrouwen op de Almachtige doen wij toch. Wat zal het een vrolijk kerstfeest kunnen zijn, als dat eens mogelijk was. Van nieuwe berichten horen wij niet veel. Alleen vertelden ze ons gisteren dat de Tommy`s in de voorstad van Roermond waren, maar het is ons hier te stil. Als dat waar kon zijn. En dan eindig ik, in de hoop nog een vrolijk kerstfeest te kunnen vieren.

Tekst- en fotobron: Wim Rovers

Klik hier om je gratis in te schrijven voor Puik | Deel deze pagina: